Palmen

Palmen in Nederland

Kunnen palmen overleven in Nederland? vroeg laatst iemand tijdens een rondleiding, wijzend naar een flinke Trachycarpus in de volle grond. Ik heb gemerkt dat sommige bezoekers me met een glazige blik vol ongeloof aanstaren wanneer ik vertel dat die palm al jaren vast in de tuin staat; dus ik antwoordde: “Ja zeker, deze palm doet het best goed in ons klimaat”.
“Ja maar, mág dat dan wel?” vroeg deze bezoeker ter verduidelijking … Daarmee vertolkte hij de gevoelens van een groep traditionele tuiniers die niet gediend zijn van vreemde exoten, een soort centrumpartij onder de tuiniers dus.
Goddank hebben we voor een palm in de tuin nog geen vergunning nodig! Als we willen kunnen we onze tuin vol planten met asielzoekende exoten.
Zorg er vooral voor dat de grond goed afwatert, dat de palm ’s winters liefst beschermd wordt tegen regen en dat de palm ’s zomers rijkelijk water en mest krijgt. (Mestkorrels nooit tussen de bladeren laten komen, anders kan het hart aangetast worden!) Tijdens extreme kou is het aan te raden om de palm luchtig in te pakken, b.v. met vliesdoek, rietmatten, jute o.i.d. Geen plastic gebruiken wegens het risico op schimmel. Enige lichte verwarming met b.v. kerstverlichting kan net het verschil tussen leven en dood betekenen voor de palm!

Regenbescherming is effectiever dan alle andere vormen van bescherming. Dit helpt omdat drijfnatte palmen bij bevriezing schade oplopen aan de speer (het groeipunt waaruit nieuwe bladeren groeien), die dan vervolgens kan gaan rotten. Jonge palmen zijn hier gevoeliger voor dan oude palmen. Vaak herstellen palmen in de zomer gelukkig wel weer van speerrot.

WAAIERPALMEN EN VEDERPALMEN

De bekendste tuinpalm, Trachycarpus fortunei, is een waaierpalm, waarvan alle bladslippen samen komen aan de bladsteel. Het is de meest geschikte soort voor ons klimaat, en een goede soort om ervaring mee op te doen. De veel goedkopere, snel groeiende Washingtonia robusta (heeft stekels aan de bladstelen en lichter groen blad met draden) kan onze winters minder goed aan.
Een overbekende vederpalm is Phoenix canariensis, waarvan de bladslippen als bij een visgraat aan de bladsteel vastzitten. Deze goedkope, snel groeiende soort is niet de hardste van de vederpalmen, maar kan met grondige winterbescherming wel in de tuin gekweekt worden, vooral in de kuststreek. De sterkste vederpalmen voor ons klimaat zijn Butia eriospatha en de lastige Jubaea chilensis, die allebei als oudere plant strenge vorst kunnen doorstaan.

Trachycarpus wagnerianus is compacter en heeft strakker blad dan T. fortunei, en is daardoor meer gewild.

LASTIGE PALMSOORTEN

zijn vooral de warmte-minnende soorten zoals Sabal, Serenoa, Nannorrhops en Brahea. In onze relatief koele zomers komen ze maar moeizaam tot groei. Het zijn wel hele sterke kuipplanten!

Overige palmen, die wel geschikt zijn voor de tuin zijn de zeer harde Rhapidophyllum hystrix, de robuuste Trachycarpus ‘Naini Tal’ (die voorheen als Trachycarpus takil werd verspreid), de nieuwkomer Trachycarpus princeps (waarvan ook een minder sterke vorm ‘Trachycarpus sp. nova’ in omloop is) en de Chamaerops humilis (waarvan verschillende mooie vormen bestaan zoals ‘Vulcano’ en ‘Cerifera’)

Er komen steeds meer palmenhandelaars. Niet allemaal beschikken ze over voldoende kennis en ervaring. Bedenk dat een palmentuin alleen met veel liefde, geduld en goede raad van ervaren liefhebbers te realiseren is. Plant bij voorkeur in het voorjaar, en dan liefst 5-10 jaar jonge planten. Zeer grote palmen alleen planten als ze een ruim ontwikkeld wortelgestel hebben en als een goede verzorging mogelijk is.

Bekijk het assortiment ..

Reageren is niet mogelijk