BAMBOE EN WORTELBEGRENZER

 

Wandelende en niet-wandelende bamboes

Er zijn twee types bamboe: wandelende en niet-wandelende. De niet-wandelende soorten blijven goed tot redelijk goed op hun plaats, vormen geen lange ondergrondse uitlopers en zijn daarom geen bedreiging voor folievijvers, bestrating of buren. Bij de winterharde soorten vindt men dit groeitype alleen bij het geslacht Fargesia. In kleine tuinen, voor wintergroene hagen en bij folievijvers is Fargesia daarom de beste keuze.

Alle andere soorten zijn wandelend, dat wil zeggen dat ze lange ondergrondse uitlopers kunnen maken en een grotere uitbreidingsdrang hebben. Voor deze soorten is het gebruik van wortelbegrenzermateriaal noodzakelijk. Hieronder wordt uitgelegd hoe u dit materiaal het best kunt toepassen.

 

Wortelbegrenzer (rhizoombarrière)

De wortelbegrenzer dient om de bamboewortels (rizomen) binnen het afgebakende gebied te houden en om te voorkomen dat de wortelstokken zich uitbreiden naar plaatsen waar ze niet gewenst zijn. De wortelbegrenzer die wij leveren is een taaie, duurzame polyethyleen folie van één millimeter dik die ondoordringbaar is voor de rhizomen (wortelstokken. )

De breedte is 50 centimeter, wat meestal voldoende is, of 70 centimeter voor extra zekerheid en voor enkele dieper wortelende bamboes. De folie kan op elke gewenste lengte worden geleverd.

 

De vorm van het plantvak en de oppervlakte

Men dient vooraf  de vorm van het af te bakenen gedeelte te bepalen waarbinnen de bamboe kan uitgroeien. De plant kan zich na plaatsing van de folie alleen nog  binnen dit vak ontwikkelen; het oppervlak dus niet te klein kiezen. Het minimale oppervlak voor een lage bamboe is één vierkante meter, voor middelhoge 2 tot 3 en voor hoge bamboes 4 m². Voor reuzenbamboes is 10 m² echt het minimum.

De vorm van het plantvak is niet belangrijk, mits niet te smal (minstens een meter breed voor de grotere soorten). Besef wel dat een langwerpig plantvak naar verhouding meer folie nodig heeft dan een ronde vorm (zie tabel). Door de randen van het vak wat te laten golven krijgt de volwassen plant een natuurlijker omtreklijn.

 

Het ingraven van de folie (wortelbarrëre)

Dit is een lastig karwei, maar het is belangrijk dat het goed gebeurt om onaangename verrassingen te voorkomen. Om zeker te zijn dat de wortelstokken binnen de folie blijven moet deze folie helemaal rondom de plant worden ingegraven, waarbij de uiteinden worden omgevouwen (met een hamer) en in elkaar gehaakt (Zie tekening).  Deze verbinding kan worden vastgezet met bijvoorbeeld boutjes, popnagels of een plankje en spijkers. De rand van de folie moet 2 à 3 centimeter boven de grond uitsteken desgewenst afdekken met b.v. schors of grint. Pas op dat bij het ingraven de folie niet wordt beschadigd door scherp gereedschap.

 

Regelmatig controleren

Als de folie een stukje boven de grond uit steekt is het gemakkelijker te zien wanneer wortelstokken over de rand gaan (de meeste bamboes wortelen erg ondiep). Dit is belangrijk! : Controleer elke herfst of de rhizomen niet over de folierand groeien. Als dit gebeurt, knip dan de uitloper af en graaf het ontsnapte deel uit, indien nodig.

Het is nooit helemaal uit te sluiten dat een bamboe alsnog ontsnapt, de kwekerij kan hiervoor geen verantwoordelijkheid nemen.